De hypothecaire executie zoals voorgeschreven in het nieuwe Burgerlijk Wetboek. In het kader van de recente aanpassingen van het Burgerlijk

Carlo Jadnanansing

Extra werk voor de Rechterlijke Macht

1. Algemeen

Het Nieuwe Burgerlijk Wetboek (NBW) is op 13 augustus 2024 goedgekeurd door de DNA. Het wordt aangenomen dat de implementatie ervan op 1 mei 2025 zal plaatsvinden. Van verschillende hoeken, waaronder de SOVA, is er gewezen op het feit dat juristen die zijn opgeleid volgens het oude Burgerlijk Wetboek aanzienlijk meer tijd nodig hebben om het nieuwe wetboek grondig te bestuderen. Het Centrum voor Democratie en Rechtspleging biedt cursussen aan over het NBW. In mijn optiek zou de verantwoordelijkheid voor de herscholing en bijscholing van juristen betreffende het NBW moeten liggen bij de Regering, met name de Minister van Justitie en Politie. Bovendien dient dit als een maatschappelijke plicht te worden beschouwd voor juristenorganisaties zoals SOVA, SNB, SJV en ook AdeKUS, om dit te promoten. Kennis van het NBW is niet alleen van belang voor juristen, omdat het verondersteld wordt dat iedereen op de hoogte moet zijn van de wet. Gezien het voorgaande, acht ik het gepast om de onderstaande bijdrage te leveren.

2. Enkele hoofdpunten met betrekking tot de hypothecaire veiling

Deze is momenteel bekend als de veiling ex. 1207 B.W. Het NBW bestaat uit acht boeken en de artikelen worden genummerd per wetboek. Het hypotheekrecht is binnen het NBW geregeld in boek 3. Voor de wijze van executie wordt echter ook verwezen naar het Wetboek van Burgerlijk Rechtsvordering (Rv). Het NBW bevat significante wijzigingen met betrekking tot het onderwerp. Algemeen kan worden gesteld dat de basisprincipes van de hypothecaire veiling intact zijn gebleven. Artikel 3:268 lid 1 NBW stipuleert dat als de schuldenaar in gebreke blijft met betrekking tot de betaling waarvoor de hypotheek als waarborg dient, de hypotheekhouder gerechtigd is het betreffende goed openbaar te verkopen in aanwezigheid van een bevoegde notaris. Dit is in overeenstemming met het geldende recht. Een wezenlijke wijziging is echter uiteengezet in het tweede lid van genoemd artikel, dat als volgt luidt: “Op verzoek van de hypotheekhouder of de hypotheekgever kan de kantonrechter bepalen dat de verkoop onderhands zal plaatsvinden via een overeenkomst die aan hem ter goedkeuring wordt voorgelegd. Indien door de hypotheekgever of door een hypotheekhouder, beslaglegger of beperkt gerechtigde, die bij een hogere opbrengst van het goed belang heeft, voor de afloop van de behandeling van het verzoek aan de rechter een gunstiger aanbod wordt voorgelegd, kan deze bepalen dat de verkoop in overeenstemming met dit aanbod zal plaatsvinden.” Het is vermeldenswaardig dat volgens het NBW alle hypotheekhouders – niet enkel de eerste, zoals nu het geval is – het recht hebben op parate executie, dat betekent dat zij niet hoeven te beschikken over een executoriale titel (vonnis).

3. Procedure

Wanneer een schuldenaar in gebreke is – zoals momenteel het geval is – is de hypotheekhouder/schuldeiser bevoegd de verbonden goederen openbaar te verkopen in de aanwezigheid van een door hem aan te wijzen notaris. Voorheen werd verwezen naar de lokale gebruiken voor de verkoopwijze, terwijl thans specifiek wordt aangegeven welke procedure gevolgd moet worden. Deze is overigens vrijwel identiek aan de bestaande praktijk.

4. Onderhandse verkoop

Nieuw is de mogelijkheid voor een onderhandse verkoop op basis van een beslissing van de kantonrechter. Dit kan alleen op verzoek van de uitvoerende hypotheekhouder (schuldeiser) of de hypotheekgever, die meestal ook als schuldenaar fungeert, maar het is ook mogelijk dat een derde zekerheid biedt voor de schuldenaar (onderzetting). Dit verzoek zal uiteraard alleen worden ingediend als een onderhandse verkoop aantrekkelijkere mogelijkheden biedt. De procedure voor het indienen van dit verzoek is uitgebreid geregeld in het NBW en Rv.

5. Biedingen

In de publicatie van de veiling dient te worden aangegeven dat tot veertien dagen voor de veiling schriftelijke biedingen bij de notaris kunnen worden ingediend. De notaris is niet vrij om de biedingen ook aan anderen te verstrekken dan de executant en de geëxecuteerde. Een bieder is verplicht om zijn bod na te komen, indien hij een koopovereenkomst heeft ondertekend.

6. Rol van de Kantonrechter

In het oude Burgerlijk Wetboek was de rol van de Kantonrechter vaak beperkt tot het beslechten van geschillen met betrekking tot een mogelijke stopzetting van een hypothecaire executie. Thans is er een belangrijke taak aan de Kantonrechter toegevoegd, namelijk het beslissen over verzoeken voor een onderhandse verkoop van het hypothecair verbonden onroerend goed. Het is te verwachten dat het Hof een speciale Kantonrechter met deze taak zal belasten, aangezien hypothecaire executies regelmatig voorkomen en de Nederlandse praktijk heeft aangetoond dat er veelvuldig verzoeken om onderhandse verkoop worden ingediend. Deze rechter zal bovendien moeten beschikken over kennis omtrent de waarde van onroerend goed.

Carlo Jadnanansing

 

Deel dit: